2 februari 2012

Beleidsplan 2013-2016: Naar een nieuw evenwicht


Fonds Podiumkunsten presenteerde op 1 februari 2012 het beleidsplan voor de periode 2013 - 2016. De bezuinigingen dwingen tot een nieuw evenwicht. Het gaat om een nieuwe balans tussen kwaliteit en pluriformiteit, tussen autonomie en publieksbereik, tussen subsidie en prestaties en tussen fondssubsidie en het financiële draagvlak vanuit de samenleving, waaronder de lokale overheden.


Het Fonds Podiumkunsten is vier jaar geleden opgericht om de maatschappelijke betekenis van de podiumkunsten te versterken door te investeren in kwaliteit, afstemming van vraag en aanbod en vermindering van subsidieversnippering. De noodzaak van deze opdracht is vier jaar later door de cultuurbezuinigingen en het maatschappelijke debat nog groter geworden. Het Fonds streeft naar een bestel waarin vraag en aanbod in evenwicht zijn en oog is voor kwaliteit, internationale profilering en ondernemerschap. Een brede maatschappelijke en landelijke spreiding spelen daarbij een belangrijke rol.

Prioriteit voor ‘midden- en kleinbedrijf’
Prioriteit wordt gegeven aan de producties en presentaties van het ‘midden- en kleinbedrijf’ van de podiumkunsten, waardoor de voor Nederland zo kenmerkende pluriformiteit van de podiumkunsten zo goed mogelijk kan worden gewaarborgd. Het sterk geslonken budget van het Fonds vraagt om een nog transparanter, eerlijker en doelmatiger verdeling van subsidies. Zo kan het Fonds meer doen met minder geld en wordt het ondernemerschap van instellingen verder gestimuleerd. Tegelijkertijd wordt relatief meer geïnvesteerd in innovatie en de jongere generaties makers.

Vereenvoudigd pakket van regelingen
Het Fonds Podiumkunsten heeft een pakket van regelingen dat de afgelopen jaren sterk is vereenvoudigd, onderling beter aansluit en in aantal is teruggebracht. De belangrijkste wijziging betreft de al op 2 november 2011 gepresenteerde nieuwe regeling meerjarige activiteitensubsidie 2013-2016. Daarnaast hanteert het Fonds de projectenregeling en, de in de vorige jaren al zeer vereenvoudigde, programmeringsregeling, de regeling internationalisering inclusief promotie van de podiumkunsten in het buitenland en subsidieregelingen voor werkbeurzen en opdrachten.

Sterk geslonken budget
Het budget van het Fonds Podiumkunsten gaat in de nieuwe beleidsperiode van ruim 60 miljoen euro naar 43 miljoen euro. Om in de toekomst flexibel te kunnen blijven en nieuwe ontwikkelingen te kunnen ondersteunen wordt in verhouding minder bezuinigd op de projecten- en programmeringsregeling. De bezuinigingen bij het Fonds zitten vooral in de meerjarige activiteitensubsidie. Dit budget gaat van 40 miljoen euro naar 24,5 miljoen euro.


Het Fonds Podiumkunsten verstrekt vanaf 2021 aan 78 makers c.q. producerende instellingen en 58 festivals een meerjarige subsidie. Voor de producenten geldt dat van de 202 aanvragers slechts 39% wordt gehonoreerd. Bij de festivals ligt het percentage honoreringen een stuk hoger: vrijwel alle positief beoordeelde festivals krijgen een programmeringsbijdrage. Alle festivals die zijn voorgedragen voor een organisatiebijdrage, krijgen deze ook. Henriëtte Post, directeur-bestuurder: “Wij zijn er trots op dat we de gehonoreerde makers en instellingen in staat kunnen stellen de podiumkunsten te verrijken, maar we realiseren ons tegelijkertijd dat de uitkomsten voor velen een bittere pil zullen zijn.”

publicaties 20 mrt '20

Jaarverslag 2019

publicaties 05 feb '20

Beleidsplan 2021 - 2024

Eerlijke beloning voor eerlijk werk, dat moet de norm zijn. Maar hoe komen we daar? En wie heeft welke rol? Het Fonds Podiumkunsten heeft daarover advies ingewonnen bij het kennis –en dienstencentrum CAOP. Het advies van het CAOP geeft inzicht in de verantwoordelijkheden van diverse partijen, waaronder instellingen, financiers en uitvoerenden. Het Fonds gebruikt het advies van het CAOP bij de voorbereidingen op de beleidsperiode 2021-2024.

In aanloop naar de beleidsperiode 2021-2024 laat het Fonds Podiumkunsten onderzoek doen naar podia. De indruk is dat de programmering van podia niet voldoende ruimte kan bieden voor aanbod dat mede met landelijke subsidie tot stand komt. Maar klopt dit beeld? En als dit zo is, hoe kan het Fonds de balans tussen aanbod en afname dan verbeteren? Een cijfermatige analyse door HTH Research geeft een eerste beeld.

publicaties 14 mei '19

Hink/stap/sprong magazine

publicaties 15 mrt '19

Jaarverslag 2018

Welke ervaringen zijn er in de culturele en creatieve sector met honorariumrichtlijnen? Met deze vraag heeft onderzoeker Henk Vinken (HTH Research) een eerste rondgang gemaakt. Van auteurs tot componisten en van musici tot cultuureducatie zijn adviestarieven in omloop. In het kader van de Arbeidsmarktagenda Culturele en Creatieve Sector onderzoekt Henk Vinken of en hoe richtlijnen leiden tot betere uitbetaling van zelfstandigen.

meer