9 januari 2020

Programmeringspraktijken podia onderzocht


Programmeren is een verhaal vertellen. Podia zoeken continu de balans tussen het aanbod dat ze willen laten zien, de verdienmogelijkheden en financiële risico’s, en het publiek in hun omgeving. Dat beeld ontstaat uit een onderzoek door HTH Research naar de programmeringspraktijk van schouwburgen en concertzalen in Nederland. De onderzoekers bevroegen podia verspreid door het land over hun programma, de financiering daarvan en het publieksbereik. Het onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van het Fonds Podiumkunsten.


Drie typen podia
De onderzoekers onderscheiden op basis van de verzamelde gegevens drie groepen podia . Allereerst de podia die relatief veel gevestigde namen programmeren met hoge amusementswaarde. Zij profileren zich als breed, toegankelijk en divers. Deze podia hebben vaak een brede regionale functie. De tweede groep bestaat uit kleine en middelgrote podia. Zij programmeren relatief veel aanbod van hoog artistiek niveau, met name experimenteel aanbod en nieuwe makers. De derde groep podia bestaat uit middelgrote en grote podia. Ook zij richten zich op aanbod van hoog artistiek niveau, maar dit bestaat meer uit grootschalig aanbod en betreft vaker gevestigde namen.

Gesubsidieerd aanbod

De onderzochte podia zijn positief over het landelijk gesubsidieerd aanbod. Gemiddeld is bij de onderzochte podia een derde van het aanbod landelijk gesubsidieerd, met name bij dans- en theatervoorstellingen. Kleine podia, vlakkevloerpodia en podia die in grotere mate artistiek programmeren, bieden meer landelijk gesubsidieerde voorstellingen aan. In de 9 grote steden wordt meer landelijk gesubsidieerd aanbod geprogrammeerd dan elders in het land.

Ambities en financiering

Vrijwel geen enkel podium heeft een vast programmeringsbudget. Wat dat betekent is voor elk van de drie groepen die de onderzoekers onderscheiden anders. Schouwburgen met een grote en een kleine zaal kunnen commercieel succesvolle producties gebruiken om verliezen op artistiek aanbod te dekken. Podia met enkel een kleine zaal hebben die mogelijkheid veelal niet. Programmeringssubsidies geven ruimte om financieel risicovoller te programmeren.
Podia zijn zich bewust van hun verantwoordelijkheid om een breed publiek aan te trekken. Er wordt dan ook geïnvesteerd in het bereiken van nieuwe publieksgroepen en systematische monitoring. Bezoek blijkt echter steeds minder goed te voorspellen. Podia zien kansen in een meer lokale benadering, met lokale makers of lokale thema’s. Financiering door gemeenten staat echter onder druk en podia voelen afnemende ruimte om dergelijke ambities te realiseren.

Beleidsontwikkeling 2021-2024

Het Fonds gaat zijn programmeringsregelingen voor podia in de komende beleidsperiode herzien. De inzichten uit het onderzoek zijn hierbij een waardevol startpunt. Het Fonds gaat de komende tijd in gesprek met gemeenten en met podia over de wijze waarop de ondersteuning van het Fonds aansluit bij de programmeringspraktijken van podia.

Na het bekendmaken van de besluiten over de meerjarige aanvragen voor productie en festivals is veel gereageerd op de spreiding van de honoreringen over het land. Hoe gaat het Fonds nu eigenlijk om met spreiding?

Een van de gehonoreerden Bijlmerparktheater met de Gliphoeve | Foto: Richard Terborg
Een van de gehonoreerden Bijlmerparktheater met de Gliphoeve | Foto: Richard Terborg

Het Fonds Podiumkunsten verstrekt vanaf 2021 aan 78 makers c.q. producerende instellingen en 58 festivals een meerjarige subsidie. Voor de producenten geldt dat van de 202 aanvragers slechts 39% wordt gehonoreerd. Bij de festivals ligt het percentage honoreringen een stuk hoger: vrijwel alle positief beoordeelde festivals krijgen een programmeringsbijdrage. Alle festivals die zijn voorgedragen voor een organisatiebijdrage, krijgen deze ook. Henriëtte Post, directeur-bestuurder: “Wij zijn er trots op dat we de gehonoreerde makers en instellingen in staat kunnen stellen de podiumkunsten te verrijken, maar we realiseren ons tegelijkertijd dat de uitkomsten voor velen een bittere pil zullen zijn.”

nieuws 28 jul '20

Updates COVID-19

Op deze pagina vindt u informatie over de laatste ontwikkelingen en Fondsmaatregelen met betrekking tot het coronavirus.

Het Fonds Podiumkunsten kent in totaal 22.164.200 euro toe aan meerjarige gezelschappen, ensembles en festivals en daarnaast 23.571.744 euro aan podia. Het totale bedrag maakt onderdeel uit van de 300 miljoen euro die het kabinet als steunpakket beschikbaar stelde aan de culturele sector om de COVID-19 crisis het hoofd te kunnen bieden.

Het Fonds Podiumkunsten heeft aan 15 projecten subsidie toegekend binnen de regeling internationalisering.

Een van de gehonoreerden Bo Tarenskeen | Foto: Michiel Cotterink
Een van de gehonoreerden Bo Tarenskeen | Foto: Michiel Cotterink

Het Fonds Podiumkunsten heeft 31 projecten gehonoreerd voor de nieuwe en tijdelijke regeling Balkonscènes.

Een van de gehonoreerden Maxim Shalygin | Foto: Brendon Heinst
Een van de gehonoreerden Maxim Shalygin | Foto: Brendon Heinst
meer