MEERJARIGE ACTIVITEITENSUBSIDIE 2017-2020

'T BARRE LAND

Inleiding

Toneelgezelschap ’t Barre Land is een collectief dat werd opgericht in 1990 in Utrecht en tegenwoordig in Amsterdam gevestigd is.’t Barre Land heeft een driekoppige dagelijkse leiding, bestaande uit Vincent van den Berg (artistiek-organisatorisch), Margijn Bosch (artistiek-inhoudelijk) en Czeslaw de Wijs (zakelijk-organisatorisch). De werkwijze van het gezelschap is collectief. De gedachte die ten grondslag ligt aan het werk van ’t Barre Land is dat toneel ensemblekunst is. Vanuit die gedachte heeft het gezelschap zich altijd gericht op het vaste ensemble van toneelspelers en op het in continuïteit ontwikkelen van de toneelstijl en het repertoire. ’t Barre Land baseert het werk op de (toneel)literatuur. De voorstellingen van ’t Barre Land zijn een onderzoek naar toneelspelen en naar het wezen van deze tijd. De theatrale ervaring moet recht doen aan de complexiteit van het leven, daarom worden de dingen op het toneel niet simpeler voorgesteld dan ze zijn. Het gezelschap beschouwt toneel als een belangrijke maatschappelijke en culturele arena, waar alternatieve zienswijzen gezocht en geformuleerd worden.
De voorstellingen van ’t Barre Land voor de periode 2017-2020 worden door het collectief ondergebracht in vier overkoepelende richtingen. De eerste richting is het spelen van klassiek repertoire met pas afgestudeerde toneelspelers. Voor 2017 staat ‘De Meeuw’ van Anton Tsjechov gepland. De voorstelling wordt gemaakt in het rondtrekkende toneelatelier ‘De Keuken’. De komedie ‘As you like it’ van William Shakespeare wordt binnen een moderne dramaturgie op de planken gebracht. ‘Dodendans’ van August Strindberg is een existentiële dronkenmansslapstick na een triadisch huwelijk van 25 jaar. ‘Bergman’ is een (gelogen) biografie van de toneelspelers, waarin op zoek wordt gegaan naar de bronnen van toneelspelen en Bergman. ‘Immer noch Sturm’ van Peter Handke is een modern toneelstuk in romanvorm, waarin Handke terugkeert naar z’n geboortegrond in Slovenië. De tweede richting betreft specifieke coproducties tussen gezelschappen, voortkomend uit de directe wens van individuele spelers om samen te werken. ‘Pointless International - deel 2’, in coproductie met Maatschappij Discordia, is een Engels gesproken clownsvoorstelling voor volwassen publiek, gebaseerd op een boek met klassieke clownsscènes, opgetekend door Tristan Rémy. ‘Weg en Hier’ van Ödön von Horváth is een coproductie met Tijdelijke Samenscholing; een klucht met zang in twee bedrijven over de absurditeit van de werkelijkheid. ‘Flaters’ van André Franquin, in coproductie met De Theatertroep, is geïnspireerd op de flaters van de antistripheld Guust. ‘Ideeën, boek twee Multatuli’, in coproductie met Maatschappij Discordia, is een voorstelling met als vertrekpunt ‘Ideeën’ van Multatuli. ‘Chambre Séparee’ is een intiem gesprek tussen twee toneelspelers (Bosch en Duijtshoff) over de toneelspeelkunst. ‘Wachtend op Godot’ (Samuel Beckett) is een vluchtelingendrama in komedievorm door Lamers en Van den Berg. De derde richting betreft intercollectieve samenwerkingen met De Theatertroep, Tijdelijke Samenscholing, Discordia en onafhankelijke toneelspelers. ‘Love for Love’ van William Congreve is een komedie, een familiesoap en ‘comedy of wit’ ineen. ‘Tussen de Bedrijven’ is een nieuw stuk dat speelt tijdens de pauzes van een voorstelling, ontleend aan ‘Tussen de bedrijven’ van Virginia Woolf. Verder staat ‘Verloren Illusies’ (Honoré de Balzac) op het programma en een trilogie van Judith Herzberg: ‘Leedvermaak, Rijgdraad, Simon’. De laatste richting betreft literaire programma’s die ontwikkeld worden voor het literaire circuit in samenwerking met Perdu. ‘Molly Bloom’ is een voorbereiding op de opvoering van ‘Ulixes’, van James Joyce uit 1922. Verder ‘Worstward Ho’, Becketts parodie op de vooruitgangsdroom van de musical ‘Westward Ho’, bewerkt tot een monoloog voor twee toneelspelers. Daarnaast ‘The Confidence Man’ en ‘Bartleby’ van Melville.

In de periode 2017-2020 speelt ’t Barre Land zeventig voorstellingen per jaar. Het gevraagde subsidiebedrag is 130.000 euro.

Historie

Toneelgezelschap ’t Barre Land ontvangt in de periode 2013-2016 geen structurele subsidie van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap of het Fonds Podiumkunsten.

Er is door ’t Barre Land beeld- en/of geluidsmateriaal opgestuurd van de voorstellingen ’Pointless International’ en ‘De laatste dagen der Mensheid’.

Artistieke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistieke kwaliteit als goed.

In de ogen van de commissie is ’t Barre Land een theatercollectief dat op een heel eigen wijze werk uit de (toneel)literatuur onderzoekt en speelt. Het collectief blijft door de jaren heen steeds trouw aan zichzelf, met een herkenbare signatuur. Die signatuur bestaat volgens de commissie uit de interessante en onderscheidende interpretaties van het toneelrepertoire, die voortkomen uit de bundeling van kwaliteiten in het collectief. In de ogen van de commissie getuigen de voorstellingen van ‘t Barre Land van een sterke zeggingskracht, door de kracht van het ensemble op het toneel. Daarbij speelt een rol dat de commissie de acteerprestaties van hoog niveau vindt; de precisie waarmee teksten gespeeld worden, levert vaak indringend teksttheater op. Zo maakt ’t Barre Land in complexe en moeilijk te spelen stukken toch de essentie van die stukken zichtbaar door nauwkeurig acteerwerk, zoals in ‘De laatste dagen der Mensheid’. De groep vormt bovendien een hechte eenheid op het toneel, ook als er met veel acteurs wordt gewerkt, wat de zeggingskracht van de voorstellingen versterkt.

De plannen voor de komende jaren zijn in de ogen van de commissie origineel en geven blijk van nieuwe inspiratie en energie bij het collectief. ’t Barre Land presenteert een grote hoeveelheid prikkelende projecten van zeer uiteenlopende aard. De keuze van de gepresenteerde titels is aansprekend en goed gemotiveerd. De al eerder ingezette lijn, waarbij ’t Barre Land (nieuwe) artistieke ontmoetingen aangaat met andere gezelschappen en kunstenaars, daarbij opererend als een flexibel ensemble, wordt voortgezet. De commissie vertrouwt op het vakmanschap van het ensemble om al deze projecten en samenwerkingen te laten uitmonden in spraakmakende voorstellingen. De commissie ziet in de omschrijving van de projecten wel een punt van aandacht voor de eigen signatuur van het gezelschap. In de veelheid van die projecten vindt de commissie het niet eenvoudig om een duidelijke focus te ontwaren. Een specifiekere keuze of een inhoudelijke lijn die het aanbod aan productieplannen als geheel onderbouwt, vindt de commissie ontbreken in de aanvraag. Dit maakt dat de eigen, herkenbare signatuur van ’t Barre Land vervaagt. De commissie is er niet van overtuigd dat die voldoende zichtbaar zal blijven in de verschillende samenwerkingsprojecten.

De commissie is er wel van overtuigd dat de samenwerkingen tot interessante resultaten zullen leiden, aangezien ’t Barre Land eerder succesvol samenwerkte met de gekozen partners die wat betreft inhoud en vorm veel verwantschap vertonen. Ook is de commissie positief over enkele samenwerkingsverbanden met gezelschappen van jonge makers, waarbij de wederzijdse beïnvloeding artistiek gezien interessant kan zijn en kan resulteren in het bereiken van andere publieksgroepen.

Ondernemerschap

De commissie beoordeelt het ondernemerschap als zwak.

De organisatie van ‘t Barre Land vertoont een beeld van stabiliteit. De groep heeft veel ervaring in het maken en spelen van voorstellingen; in financieel opzicht is de groep gezond.

De commissie is kritisch over de verhouding tussen het activiteitenniveau dat ’t Barre Land ambieert voor de komende periode en de daarbij behorende begroting. Zo kan de onderbouwing van ’t Barre Land voor de sterk stijgende kosten ten opzichte van de voorgaande jaren de commissie niet overtuigen. De commissie vindt de kostenstijgingen groot, zeker in relatie tot de uitbreiding van het activiteitenniveau. De commissie mist in de aanvraag ook een onderbouwing die de redelijkheid van de kostenstijging aannemelijk had kunnen maken. Verder vindt de commissie de in het dekkingsplan beoogde eigen inkomsten optimistisch ingeschat. Deze worden geacht sterk te stijgen ten opzichte van de voorgaande jaren, maar deze stijging houdt geen gelijke tred met de beoogde toename van het aantal voorstellingen. Per voorstelling moeten dus veel meer inkomsten gegenereerd worden. Waar het gaat om de ambities om in het buitenland te spelen zegt ’t Barre Land dat de effecten van de investeringen die daar nu voor worden gedaan, over minimaal vier jaar zichtbaar zullen zijn. Niettemin worden voor buitenlandse optredens voor de komende vier jaar al flink hogere inkomsten begroot, terwijl het aantal uitvoeringen beperkt blijft. Verder bevat de aanvraag een voorzichtige schatting van de stijging van het aantal bezoekers, die niet aansluit op de stijging van de publieksinkomsten in de begroting. Bovendien voorziet 't Barre Land voor 2017-2020 verder samen te werken met theaters waar de groep al langer een vaste band mee heeft. De aanvraag geeft echter geen redenen om aan te nemen dat deze theaters de komende jaren veel meer gaan betalen of de groep langer gaan programmeren. De commissie is verder zeer kritisch over de financieringsmix, die een sterke afhankelijkheid van overheidssubsidies laat zien. De publieksinkomsten nemen slechts een beperkt deel in van de totale inkomsten. Ook laat de begroting hoge vergoedingen van coproducenten zien en overige directe inkomsten, maar deze zijn nog onzeker. De aanvraag geeft geen overtuigende onderbouwing van deze vergoedingen, die worden geacht structureel sterk te stijgen ten opzichte van voorgaande jaren. Al met al is de financiering van de activiteiten niet erg degelijk onderbouwd. Verder mist de commissie een strategie voor het omgaan met de risico’s die zij in het plan aantreft.
’t Barre Land spreekt in de aanvraag het besef uit dat een nieuw, vooral jong publiek moet worden bereikt. Het samenwerken met groepen van jonge makers met dito achterban vindt de commissie in dat kader een goed idee. Het gezelschap wil verder samen met gelijkgestemde gezelschappen een medewerker vrijmaken voor de marketing- en publiciteitstaken. Het zijn de eerste stappen op weg naar een groter publiek, maar echt concreet vindt de commissie die stappen nog niet. Zo vindt de commissie de omschrijving van de doelgroepen niet overtuigend geformuleerd; het gaat in haar ogen om een aselecte verzameling van mogelijke groepen van geïnteresseerden. Op het terrein van de communicatie en marketing bevat de aanvraag een aantal standaard promotiemiddelen. In deze werkwijze ziet de commissie geen krachtig plan van aanpak om een groter publiek kennis te laten maken met het repertoire van 't Barre Land, waardoor zij niet overtuigd is van de effectiviteit van de beschreven aanpak.

Pluriformiteit

De commissie beoordeelt de bijdrage aan de pluriformiteit als neutraal.

Het aanbod plaatst de commissie binnen het teksttheater. Aan teksttheater bestaat reeds een ruim aanbod in Nederland, zowel in het gesubsidieerde als het vrije circuit. Het werk van ’t Barre Land onderscheidt zich in de ogen van de commissie niet van dit brede aanbod. De werkwijze van ’t Barre Land, komend vanuit het theatrale onderzoek met de daaruit voortvloeiende speelstijl, heeft in de afgelopen jaren bij meerdere gezelschappen navolging gekregen. De commissie beoordeelt dat het werk van ’t Barre Land geen bijzondere bijdrage levert aan de pluriformiteit.

Geografische spreiding

De bijdrage aan de geografische spreiding beoordeelt de commissie als voldoende.

De aanvrager is gevestigd in Amsterdam, waar het aanbod aan podiumkunsten zeer groot is. Verder constateert de commissie dat ’t Barre Land in de periode 2013-2015 geregeld heeft gespeeld in Amsterdam. ’t Barre Land gaat in de komende periode in vergelijking met andere podiumkunstinstellingen echter ook een substantieel aandeel voorstellingen buiten Amsterdam spelen. Zij is ervan overtuigd dat ’t Barre Land de ambities op dit vlak kan realiseren. De commissie vindt op grond hiervan dat ’t Barre Land een beperkte bijdrage levert aan de spreiding.

Bijdrage talentontwikkeling

Niet van toepassing.

Conclusie

De commissie adviseert de aanvraag van ’t Barre Land niet te honoreren.
Aangevraagd bedrag per jaar€ 130.000
Geadviseerd bedrag per jaar€ 0
Toegekend bedrag per jaar€ 0