MEERJARIGE ACTIVITEITENSUBSIDIE 2017-2020

AFSLAG EINDHOVEN

Inleiding

Afslag Eindhoven is een Brabants theatergezelschap dat sinds 2008 voorstellingen maakt. Het heeft een kleine kern bestaande uit de twee artistiek leiders, Gerrie Fiers en Yvonne van Beukering, een zakelijk leider en een communicatiemedewerker. Afslag Eindhoven zet in op krachtig en poëtisch theater dat met twee voeten in de wereld staat. De voorstellingen zijn onderdeel van een groter proces, waarin de makers doordringen in leefwerelden die niet direct te maken hebben met theater: men gaat een dialoog aan met wetenschappers, ondernemers en andere (kunst)disciplines. In het maakproces van de voorstelling richt Afslag Eindhoven zich op een totaalervaring, met concepten die verder gaan dan de voorstelling zelf. Met deze inclusieve aanpak wil de groep een grote variatie aan steeds nieuwe toeschouwers bereiken. Afslag Eindhoven laat in zijn werk een zo divers mogelijke gemeenschap op één plek en op hetzelfde moment hetzelfde ondergaan, opdat men zich vanuit deze gedeelde ervaring opnieuw verbonden voelt, aldus de aanvraag. Thema's zijn robotisering, klimaatverandering, urbanisatie en migratie. Hiermee wil het gezelschap een compassievolle en tegelijkertijd verontrustende blik werpen op de mens ten opzichte van deze ontwikkelingen en de toeschouwer opnieuw laten kijken naar het hier en nu. Op uiteenlopende locaties wordt het publiek geconfronteerd met rauwe, ongemakkelijke verhalen over mensen ‘van vlees en bloed’, van wie de problemen niet eventjes weg te ‘swipen’ zijn, maar die ze met beide handen te lijf moeten gaan. Afslag Eindhoven plaatst zijn theater letterlijk in de wereld: in lege fabriekspanden, huiskamers, parkeerplaatsen en in de natuur. Voor het spel kiest Afslag Eindhoven naar eigen zeggen voor acteurs die deel willen zijn van de ervaring en die hun vakmanschap, persoonlijkheid en (fysieke) uitstraling met grote overgave inzetten, zoals Rogier Schippers, Martijn Crins en Huub Smit.

Vaste vormgevers zijn Elian Smits en Simon Haen. Regisseur Martijn Bouwman is de vaste inhoudelijk adviseur.

In 2017-2020 worden vier nieuwe, grote theaterprojecten opgezet en twee bestaande voorstellingen hernomen. Als eerste komt in 2017 'Onder het melkwoud' uit. Dylan Thomas schreef dit stuk in reactie op de verschrikkingen van de bom op Hiroshima, om aan te tonen dat er compassie en schoonheid te vinden is in de mens. De tekst vertelt over een dag en een nacht in het leven van eenvoudige mensen in een klein dorp aan zee.

In 2018 maakt Afslag Eindhoven 'Waterlanders', een beeldende en fysieke voorstelling over mensen die overgeleverd zijn aan de elementen. 'Gelukkige dagen' van Samuel Beckett vormt de dramaturgische kapstok voor deze voorstelling, die gespeeld zal worden in een kale open ruimte met middenin een groot bad met water, met (amateur)synchroonzwemmers en een speciaal lichtontwerp van Har Hollands.

'Bezeten Aarde' is het derde project in de plannen van Afslag Eindhoven: een langlopend theaterproject waarin het theaterstuk 'Boeren Sterven' van Franz Xaver Kroetz wordt verweven met verhalen van vluchtelingen die onlangs in Brabant zijn aangekomen. Uiteindelijk mondt dit uit in een locatievoorstelling waarvan de eerste reeks speelt in de voormalige fabriek De Ploeg in Bergeijk. Samenwerking met studenten van de FHK Academie voor Theater en een fototentoonstelling van Paul Beekhuis maken onderdeel uit van het project. Voor 2020 staat 'Alleen met de goden' in de plannen; een bewerking van het boek van Alex Boogers, gespeeld in een kickboksring.

In de periode 2017-2020 zullen ook twee bestaande voorstellingen worden hernomen: 'We stoken niet voor de mussen', een wrange, slapstickachtige voorstelling over armoede, gemaakt door gastregisseur Martijn Bouwman, en de locatievoorstelling 'Groot Wild' over de robotisering van de maatschappij, waarin drie acteurs en twee vrachtwagens de hoofdrol spelen.

In de periode 2017-2020 speelt Afslag Eindhoven 46 voorstellingen per jaar. Het gevraagde subsidiebedrag is 120.000 euro.

Historie

Afslag Eindhoven ontvangt in de periode 2013-2016 geen structurele subsidie van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap of het Fonds Podiumkunsten.

Er is door Afslag Eindhoven beeld- en/of geluidsmateriaal opgestuurd van de voorstellingen 'We stoken niet voor de mussen', 'Klein Wild' en 'Reis naar het einde van de nacht'.

Artistieke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistieke kwaliteit als voldoende.

De afgelopen jaren heeft Afslag Eindhoven zich verder ontwikkeld als een gezelschap dat, vaak in samenwerking met lokale bevolkingsgroepen, op locatie voorstellingen maakt, geïnspireerd op maatschappelijke thema’s. De kwaliteit van de voorstellingen laat, naar de mening van de commissie, een wisselend beeld zien. Enerzijds zijn er goede voorstellingen gemaakt, zoals ‘Reis naar het einde van de nacht’ uit 2013. Opvallend in deze productie is de verteltheatervorm, waarin de acteurs op indringende wijze de meest gruwelijke gebeurtenissen vertellen. De commissie was enthousiast over het spel en de doeltreffende vormgeving. Een voorbeeld van een minder geslaagde voorstelling is ‘We stoken niet voor de Mussen’. De commissie vindt dat de thematiek erg letterlijk vertaald is naar een theatrale vorm, waardoor er weinig ruimte wordt overgelaten aan de verbeelding van de toeschouwer, wat ten koste gaat van de zeggingskracht. Over het algemeen zijn de vertrekpunten voor de voorstellingen oorspronkelijk, omdat ze gebaseerd zijn op lokale research en onderwerpen die spelen in de regio. De vormen die daarbij worden gekozen zijn doorgaans ook origineel, maar de commissie constateert dat vervolgens het vakmanschap soms ontbreekt om de inhoud te vertalen naar een pakkende voorstelling. Mede daardoor is de kern van het werk (zoals beschreven in de aanvraag, namelijk: de ontmoetingen die Afslag Eindhoven buiten het theater legt) in de voorstellingen zelf niet altijd terug te vinden.
In de komende jaren wil Afslag Eindhoven zich nog meer toeleggen op sociaal-maatschappelijke onderwerpen, die op basis van bestaande teksten en in de context van ontmoetingen buiten het theater worden vertaald naar theaterprojecten. De artistieke signatuur zoekt het gezelschap in ‘megadisciplinariteit’ in theater op locatie en de totaalervaring die dit oplevert. De commissie constateert in de missie en artistieke uitgangspunten van Afslag Eindhoven een oorspronkelijk handschrift dat aanspreekt. Verbindingen leggen buiten het theater en die vervolgens integreren en vertalen naar artistieke podiumconcepten vormt een mooi uitgangspunt om theater dichter naar de mensen te brengen en andersom het ‘echte leven’ in het theater te krijgen. De concepten ogen oorspronkelijk, met aansprekende onderwerpen en bronmaterialen die volop ruimte bieden voor interessante artistieke vertalingen. De commissie plaatst echter kritische kanttekeningen bij de verwachte zeggingskracht van de voorstellingen. Op basis van minder geslaagde voorstellingen uit het verleden is er niet het vertrouwen dat de artistieke doelstellingen zullen worden waargemaakt. De vier projectbeschrijvingen bieden hiertoe onvoldoende handvatten. ‘Waterlanders’ bijvoorbeeld wordt een beeldende en fysieke voorstelling op basis van ‘Gelukkige dagen’ van Beckett. Afslag Eindhoven weet niet overtuigend te duiden hoe van deze tekst (die uitgaat van een stilstaande situatie) het beoogde dynamische en beeldende theater gemaakt zal worden. Ook de toevoeging van synchroonzwemmers en een speciaal lichtontwerp maakt het beeld bij deze voorstelling over klimaatverandering niet helderder. Ook ten aanzien van de gekozen locaties plaatst de commissie een kanttekening. Over het algemeen kiest Afslag Eindhoven interessante locaties, die een extra dimensie toevoegen aan de zeggingskracht van de voorstellingen. Maar in voorliggende projecten vindt zij de samenhang tussen de gekozen ruimtes en de keuzes van de stukken niet altijd even navolgbaar. Zo mist de commissie een verband tussen de inhoud van ‘Bezeten Aarde’ en de fabriek van De Ploeg als locatie voor deze voorstelling. Verder valt het de commissie op dat veel belangrijke onderdelen in de plannen van Afslag Eindhoven nog niet geconcretiseerd zijn. Verschillende onderdelen van de projecten lijken daarmee nog sterk onder voorbehoud of open voor andere keuzes en samenwerkingen, zelfs bij belangrijke keuzes als die voor acteurs. De commissie vindt dit een gemis in de aanvraag en is niet op voorhand overtuigd van het vakmanschap waarmee de voorstellingen gemaakt zullen worden

Ondernemerschap

De commissie beoordeelt het ondernemerschap als voldoende.

Afslag Eindhoven heeft een kleine flexibele organisatie, die in staat is gebleken per jaar een aantal bescheiden projecten te realiseren in Eindhoven en omgeving. De productionele kwaliteit is in orde, maar de financiële gezondheid laat te wensen over. De liquiditeit van de organisatie is enigszins zorgwekkend en het eigen vermogen zeer beperkt, wat het opvangen van eventuele financiële tegenvallers lastig maakt.

Afslag Eindhoven lijkt nu definitief te kiezen voor alternatieve speellocaties en doelgroepen. Dat vindt de commissie artistiek een goede keuze, maar het kleine gezelschap maakt het zichzelf hiermee niet makkelijk, omdat voor elke productie opnieuw de productionele, logistieke en publicitaire randvoorwaarden gecreëerd moeten worden. De commissie plaatst forse kanttekeningen bij de begrotingsontwikkeling en de publieksbenadering voor de periode 2017-2020. De plannen zijn erg ambitieus: aan de lastenkant van de begroting wordt uitgegaan van een forse stijging. Daartegenover staat dat Afslag Eindhoven per saldo niet méér speelbeurten gaat realiseren, maar wel meer inkomsten wil genereren: publieksinkomsten en publieke subsidies. Dat Afslag Eindhoven meer subsidie nodig heeft om zijn toekomstige ambities te realiseren is te begrijpen, omdat men wil professionaliseren. Maar de rest van de verhoging van de baten moet dan wel gerealiseerd worden door een verhoging van de publieksinkomsten, en juist deze verhoging vindt de commissie niet geloofwaardig. Volgens de aanvraag werkt Afslag Eindhoven sinds 2016 aan het vergroten van de publiekscapaciteit per uitvoering, van 100 naar 200 bezoekers. Deze ambitie is in de ogen van de commissie onrealistisch en komt bovendien niet overeen met de verwachte bezoekersaantallen van gemiddeld 111 per voorstelling in de periode 2017-2020. De groei is ook niet aannemelijk als gekeken wordt naar de gerealiseerde publieksaantallen in afgelopen jaren, waarbij sprake was van een gemiddelde van ongeveer 80 per voorstelling. Verder constateert de commissie dat voor een groep die haar tienjarig jubileum wil markeren nog niet veel concreet bereikt is op het gebied van structurele samenwerking of draagvlak in de regio. Veel van de bedrijfsmatige en financiële intenties van Afslag Eindhoven zijn nog niet geconcretiseerd. De realiseerbaarheid van de plannen in de directe omgeving vindt de commissie zeker geloofwaardig, maar landelijke profilering blijkt veel lastiger. Er wordt gespeeld op Oerol, maar daarbuiten zijn er weinig speelplannen in het land. In zijn ondernemerschap baseert Afslag Eindhoven zich op The Cycle van cultureel manager Michael Kaiser, waarin programmering, promotie, bereik/partnerschap en financiering elkaar steeds versterken en hand in hand gaan. De commissie vindt dit een interessante integrale theorie, maar het gezelschap geeft vervolgens onvoldoende inzicht in hoe het deze theorie naar een concrete aanpak gaat vertalen.

Afslag Eindhoven toont zich in de aanvraag bewust van de inspanningen die nodig zijn voor een groter publieksbereik, en heeft daarvoor zeven strategische lijnen geformuleerd. De commissie vindt dat dit in theorie interessante plannen zijn, maar constateert dat ze (bijna) allemaal nog moeten worden uitgewerkt. Zo worden er nog weinig concrete partners genoemd, moet het publieksonderzoek nog plaatsvinden en is de profilering van het gezelschap nog te weinig concreet.

Pluriformiteit

De commissie beoordeelt de bijdrage aan pluriformiteit als ruim voldoende.

Zij beschouwt het werk van Afslag Eindhoven als locatietheater, waarbij de locaties in het grootste deel van het aanbod ook nadrukkelijk onderdeel vormen van de voorstellingen. Het aanbod van deze theatervorm is in Nederland niet heel groot. In werkwijze en vorm onderscheidt het aanbod van Afslag Eindhoven zich echter niet van het werk van gezelschappen die vergelijkbaar werk aanbieden. De bijdrage van Afslag Eindhoven aan de pluriformiteit van het podiumkunstenlandschap is daarmee niet uniek. De commissie vindt dat Afslag Eindhoven een aanzienlijke bijdrage levert aan de pluriformiteit.

Geografische spreiding

De commissie beoordeelt de bijdrage aan de geografische spreiding als voldoende.

Afslag Eindhoven is gevestigd in Eindhoven, waar relatief weinig podiumkunstaanbod is. Tegelijkertijd merkt de commissie op dat in Eindhoven, niet zoals in bepaalde regio’s, sprake is van het geheel ontbreken van vergelijkbaar aanbod. Op basis van de gerealiseerde spreiding in de afgelopen jaren en de verwachte spreiding in de komende jaren merkt de commissie op dat Afslag Eindhoven wel meer speelbeurten buiten Brabant gaat realiseren, maar dat dit aandeel in vergelijking met andere podiumkunstinstellingen laag is. De commissie vindt dat Afslag een beperkte bijdrage aan de spreiding levert.

Bijdrage talentontwikkeling

Niet van toepassing

Conclusie

De commissie adviseert de aanvraag van Afslag Eindhoven te honoreren voor zover het budget dat toelaat.
Aangevraagd bedrag per jaar€ 120.000
Geadviseerd bedrag per jaar
gemiddeld aantal uitvoeringen per jaarbedrag per uitvoering
Circuit klein/middel361.250€ 45.000
Circuit groot00€ 0
Basisbedrag€ 75.000
Bijdrage talentontwikkeling€ 0
Totaal per editie€ 120.000
Toegekend bedrag per editie€ 120.000